Volgens de norm kalveren vaarzen een eerste keer op de leeftijd van 24 maanden, op Hof Ten Ede hebben we er voor gekozen om onze vaarzen pas een eerste keer te laten kalven op een leeftijd van 30 maanden. Hierdoor hebben de vaarzen meer tijd om op latere leeftijd uit te groeien tot grote en zware productieve koeien. Zo is er onlangs een BWB munte geslacht van 39 maand (een vaars die slechts één keer kalfde) met een levend gewicht van net geen 1100 kg en geslacht gewicht van net geen 700 kg.

Daar waar men op de meeste Belgische witblauwe fokbedrijven steeds meer kiest om de kalveren al vanaf de geboorte bij de koe te verwijderen, opteren wij bij Hof Ten Ede er nog steeds voor om onze kalveren minimaal 6 tot soms zelfs 8 maand te laten zogen bij de koe. Tijdens deze periode is koemelk de belangrijkste voedingsbron, maar onze kalveren krijgen ook een licht verteerbaar rantsoen (hooi, spelt, kalveropfok, …) ter beschikking. Tijdens de zomerperiode lopen de zoogkoeien met hun kalveren op de weide. Na 6 of 8 maanden worden de dieren dan gescheiden en ondergebracht in gedeeltelijk ingestrooide stallen. Het gaat om zeer ruime groepshuisvesting van gemiddeld 12 jonge dieren tot 8 volwassen dieren per box van ca. 135m².